Maatschappelijke Businesscase

Passende woonsituatie
De analyse van verhalen van Joost en Sarah laat zien dat het organiseren van zorg volgens het concept van Stichting Gewoon Leven leidt tot lagere maatschappelijke kosten. In beide situaties was sprake van een zorgcontext waarin zij niet goed tot hun recht kwamen en waarin regelmatig spanningen, escalaties en crisissituaties ontstonden. Door het organiseren van zelfstandig wonen in een passende woonsituatie met een stabiel zorgteam en een betrokken steunkring ontstaat een situatie waarin rust, continuïteit en maatwerk centraal staan. Het risico op crisiszorg en andere kostbare interventies neemt daardoor af en ook de daarmee gepaard gaande kosten.

Effecten op het gezin en cliënt
De verhalen laten bovendien zien dat de effecten van deze aanpak verder reiken dan de cliënt zelf. De stabilisatie van de zorgsituatie heeft duidelijke positieve effecten op het gezin en het sociale netwerk. In de casus van Kim, de zus van Sarah, wordt zichtbaar hoe langdurige overbelasting kan omslaan in herstel wanneer de druk op het gezin afneemt. Dit leidt tot verbetering van mentale gezondheid, hernieuwde participatie in onderwijs en arbeid en een herstel van familierelaties. Daarnaast ontwikkelt Kim een nieuwe maatschappelijke rol door haar ervaringen te delen en anderen te ondersteunen. De maatschappelijke waarde hiervan is berekend.

Langdurige mantelzorg
Het verhaal van Janke laat zien dat langdurige mantelzorg kan leiden tot overbelasting, sociale isolatie en verlies van arbeidsperspectief. Door de stabilisatie van de zorgsituatie van haar dochter ontstaat ruimte voor herstel van gezondheid, hernieuwde arbeidsparticipatie en het opnieuw opbouwen van een sociaal netwerk. Daarnaast ontwikkelt Janke een nieuwe maatschappelijke rol door haar ervaringen in te zetten om andere ouders te ondersteunen. De maatschappelijke waarde die dit vertegenwoordigt is berekend.

Effecten voor professionals
Ten slotte laat de casus van Harry zien dat de werkwijze van Stichting Gewoon Leven ook positieve effecten heeft voor professionals. In een context waarin passende zorg op maat wordt georganiseerd en professionals meer ruimte ervaren voor professionele afwegingen, neemt het werkplezier toe en vermindert de kans op uitval. Het verhaal laat zien dat meer autonomie en minder bureaucratische druk kunnen bijdragen aan duurzame inzetbaarheid van zorgprofessionals en daarmee ook aan de kwaliteit en continuïteit van zorg.

Conclusie
Gezamenlijk laten deze casussen zien dat het organiseren van zorg volgens het concept van Gewoon Leven leidt tot betere uitkomsten voor cliënten en ook tot bredere maatschappelijke opbrengsten. De aanpak draagt bij aan stabiliteit in zorgsituaties, vermindering van crisisinterventies, herstel van gezinnen en duurzame inzetbaarheid van professionals. Daarnaast ontstaat er meer ruimte voor maatschappelijke participatie en inclusie in de wijk. Daarmee laat de analyse zien dat investeren in persoonsgerichte en inclusieve zorgvormen niet alleen sociaal wenselijk is, maar ook maatschappelijk en economisch verantwoord.
